De Polen
Alex Roeka
Continúa después del anuncio
Tono:
Am E F E AmE F E Am [Verse 1]Am E F E De Polen, de Polen, ja dieAm kennen we hier goedAm E De Polen die uit hun holen komenF E Am als je ze vriendelijk groetDm Am ‘s Morgens vroeg gaan ze inE stilte staan bidden met eenAm gebeden boek in hun handDm Am En daarna op pad in een gammeleE Am bak naar het goud van het avondlandC G Ze trekken de bieten uit deDm Am modder, halen de muren neerDm Am Kijken niet op een fluim of eenE Am klodder en morgen zijn ze er weerE Am E De Polen, de Polen met hunAm Am trouw, hun trots en hun eer [Verse 2]Am E F E De Polen, ja de Polen, wijAm houden ervanAm E De Polen, met hun ogen verscholen,F E Am het lot van de Poolse manContinúa después del anuncioDm Am Hij die van huis en haard isE verdreven naar een vlakte van regenAm en windDm Am Om met zijn geslagen hondelevenE Am te hunkeren naar vrouw en kindC G Ze ruimen het puin uit deDm vervallen krotten, schilderen onsAm vergulde paradijsDm Spuiten het vuil uit deAm E varkenskotten, de stront van hetAm paradijsE Am De Polen, ja de Polen, ze betalenE Am Am voor ons de prijs [Verse 3]Am E F E De Polen, de Polen wij hebben zeAm graagAm E De Polen met hun verholen woede,F E Am nog steeds om die russische plaagDm Am Toen ze dag en nacht hun mondE moesten houden van die grauweAm maffiaDm Am Hun vrienden niet eens meerE Am konden vertrouwen en verlangden naar AmerikaC G Ze laten onze tomaten groeien, deDm Am regels doen er niet toeDm Am Ze zorgen ervoor dat ie vrolijkE blijft loeien onze heiligeAm welvaarts koeE Am Ohh De Polen, de Polen nee PolenE Am Am worden niet moe [Verse 4]Am E F De Polen, de Polen - ze hebbenE Am een melancholieAm E De Polen met hun vervlogen dromenF E Am van grootsheid en poëzieDm Am Maar ‘s zomers komen hun lachendeE vrouwen met de kinderen hier opAm het tereinDm En dan zie je hoe zachtaardig enAm E Am vol vertrouwen die rauwe Polen zijnC G Ze bakken hun vis in gevondenDm Am pannen gooien vodka over de frietDm Am Zingen als gelauterdeE Am moddermannen een oud soldaten liedC G Over God die gevoelloos de wereldDm laat lopen door een doolhof vanE schande en schijnDm En die lacht om ons streven naarAm E een beter leven en de niet teAm genezen pijnE Am Van de Polen, aah de Polen, deE Am polen die we allemaal zijn