Koninginnedag

Jules de Corte

    Continúa después del anuncio

    Die morgen liep mijn dochtertje op straat
    Met twee oranje strikken in het haar
    En in haar hand een vlaggetje van feest
    Zij zong een liedje op de mirliton
    De zon wou niet echt schijnen
    Maar de wind blies zacht en mild omdat het lente was
    En boven de geluiden van de straat
    Zong zij haar liedje, zo ontroerend blij
    Dat buurvrouw vroeg: "Moet je een snoepje schat?"
    Want buurvrouw is wel goed en buurman ook
    En ik denk wel alle mensen die ik ken
    En ik denk wel alle mensen in dit land
    En op de grote wijde wereldbol
    Is niemand die de kinderen drijven wil
    Van bergen leed naar dalen vol verdriet
    Niemand is er die zijn nageslacht
    Van ganser harte zou willen zien verminkt
    Toch zijn er met de vinger aan de knop
    Aan deze en ook aan de andere kant
    Die morgen liep mijn dochtertje op straat
    Met twee oranje strikken in het haar
    En in haar hand een vlaggetje van feest
    Sta op en zeg het heel de wereld rond
    Dat niemand ooit zal drukken op de knop
    Dat niemand onze kinderen doden zal
    Want heeft 1 een hart van echt beton?
    Of is ook een dictator ergens klein?
    Laat hem dan tussen ons in gaan staan
    En zeggen dat ook hij de dood niet wil
    Maar leven in een goed en veilig land
    Met ons tot aan het einde van de tijd
    Niet een die weet hoe moe en bang we zijn
    Niet een die weet waarheen de mensheid gaat
    Naar nieuwe bloei of naar de vuilnisbelt

    Continúa después del anuncio
    Información de la canción

    Composición:

    ¿Los datos están equivocados?

    Enviar revisión