Het Schrijverke
Will Ferdy
- A
- A/E
- A7
- Am
- B
- Bm
- D
- E
- E7
- Em7
- F#m
- G
- G#
Continúa después del anuncio
Tono:
| D | D G | G A | D | [Verse 1]D Oh krinklende wrinklendeG waterding, met zwarte kabotsekenD aan.G A Wat zien ik toch geren uw kopkeB E A flink, al schrijven op 't waterkeD gaan! [Verse 2]G D Gij leeft en gij roert en gijE A loopt zo snel, al zie'k u noch armD noch been.G D Gij wendt en gij weet uwen weg zoE7 A wel, al zie'k u geen ogen, geenA één. [Verse 3]D Wat waart, of wat zijt, of wat zultG gij zijn? Verklaar het en zeg hetD mij, toe!G A/E Wat zijt ge toch, blinkende knopkeB A fijn, dat nimmer van schrijvenD D zijt moe? [Interlude]| D | D G | G A | D | [Verse 4]D E Gij loopt over 't spiegelendD G water klaar en 't water nietD meeren verroert.Continúa después del anuncioG D B Dan of het een gladdige windjeE A D waar, dat stil over 't waterke voert. [Verse 5]G Oh Schrijverkes, schrijverkes, zegtD E A het mij dan. Met twintigen zijtD gij en meer.G D En is d'r geen een die 't mijE zeggen kan? Wat schrijft en watA A schrijft gij zo zeer? [Verse 6]D Gij schrijft ent een staat in hetG water niet, ge schrijft, en tis uitD en tis weg.G A/E geen Christen een weet er wat datB A bediedt. Ach, schrijverke, zeg hetD D me, zeg! [Verse 7]G Zijnt visselkes daar ge vanBm G schrijven moet? Zijnt kruidekesBm daar ge van schrijft?F#m Zijnt keikes of bladjes ofBm E blommekes zoet, of 't water, waaropA dat ge drijft? [Verse 8]D Zijnt vogelkes, kwietlendeG E klachtgepiep, of is het, hetE7 A7 blauwe gewelf?D G Dat onder en boven u blinkt, zoAm D A diep.. Of is het u? Schrijverke,A A7 zelf? [Interlude]| D | D G | G A | D | [Verse 9]D En 't krinklende wrinklendeG waterding, met zwarte kapotekenD aan.G A Het stelde en rechte z'n oorkesB B A flink en 't bleef daar eenD stondeke staan. [Verse 10]G 'Wij schrijven', zo sprak het: 'AlD E A krinklend af, het geen onzeD Meester, weleer.'G D 'Ons makend en lerend, teE7 E schrijven gaf, één lesse, niet minA7 A noch te meer.' [Verse 11]D 'Wij schrijven en kunt gij dieG D lesse toch, niet lezen en zijt ge zo bot?'G G# Wij schrijven, herschrijven enA B Em7 schrijven nog.., den heiligenA7 D Name van God!'